
Je loopt langs een bouwput met een hek eromheen. Het hek is nogal hoog en wil je er dus echt van weerhouden dat je de bouwput betreedt. Toch meent men binnen het hek nog een bord te willen plaatsen.
En ik moet dan lachen. Omdat het hek hoog genoeg is om er niet overheen te willen. Bovendien is het de bouwput van een nieuwe ondergrondse garage, en dat vind ik in principe goed. Tel dit op bij het feit dat ik weinig weet van ondergrondse bouwconstructies en het alleen maar goed vind dat al dat blik onzichtbaar wordt opgeborgen en ik heb alle reden om het bouwproces niet te willen storen door over het hek te klimmen.
Maar doe ik dat wel, dan moet ik oppassen voor paalgaten? Wat zijn dat? Moet ik – ik had net besloten het met water gevulde terrein zwemmend over te steken – niet onderweg proberen te gaan staan omdat dan m’n voet in zo’n gat kan raken waardoor ik kopje onder ga? Maar het was toch al helemaal niet de bedoeling dat ik hier kwam, rennend, strompelend, wandelend, passerend, vliegend, zwemmend of anderszins?
Nu, een dik jaar later, heeft dit bord een ander betekenis. Want die ondergrondse parkeergarage blijkt een fiasco van een paar miljoen en het Sophia heeft last van de bouw.
In die paalgaten verdwijnt dus het belastingeld en het laatste restje vertrouwen van de burger in de politiek. Echt veel erger dan wanneer ik (menig zwemdiploma) erin dreig te verzuipen!
Leave a Reply