Darwins theoriën kennen zo hun beperkingen, maar dat is nog geen enkele reden om dan maar in God te gaan geloven. Ik geloof toch meer in wetenschap, zeg maar.
Intelligent Design is een slim gevonden tussenvorm, waarin ik evenwel ook niet geloof, omdat het meer schaamlap dan theorie is, in mijn ogen. Bovendien gaat het nog steeds uit van 1 almachtig wezen, dat in onze westerse ogen ook nog per se oud, man, blank en lichamelijk ongeschonden dient te zijn. (Waarom niet een überintelligente slak – hermafrodiet – met een haarscheurtje in zijn huis?)
Zelf ben ik dol op nog alternatievere ideeën. Niet om erin te geloven, maar als gedachtenexperiment. Klik op de plaatjes en laat je omturnen tot pastafari.
Ook Terry Pratchet houdt er een bijzonder wereldbeeld op na. In zijn universum, met een platte wereld die, geschaagd door vier olifanten, ronddraait op de rug van een enorme schildpad piekeren voor gek verklaarde filosofen over het feit dat de wereld wellicht rond is. De goegemeente vindt dat belachelijk: dan valt alles en iedereen aan de onderkant er toch af? Zijn visie op religie vind je in het boek ‘Small Gods’. Een God is maar zo groot en machtig als het aantal aanhangers dat ie heeft.
Als het aan mij ligt, wordt de hele wereld pastafarian… zo veel geweldlozer, zo veel onschuldiger, zo veel humoristischer en vol van zelfspot. Dan ga ik ook geloven.

