Normaal zou ik de trein nemen. Maar het leek me een goed idee zondag om de laatste griepbacillen uit m’n lijf proberen te fietsen. Het viel mee: ik hing niet al na een half uur amechtig over m’n stuur en onderweg ontdekte ik nog een minidorp.
Op de helft kom je door Zweth, een minidorp aan het gelijknamige riviertje. Een ‘heul’ is een ouderwetse benaming voor een ophaalbrug. En zo komt een restaurant aan z’n naam. Durfde er niet goed op het terras te gaan zitten: voor het geld dat je hier voor een menu neertelt, kan ik meer dan een week boodschappen doen, dus wat vragen ze voor een colaatje?
Geen straf, wonen aan de Zweth.
In Delft kom je via deze route op een oninspirerend industrieterrein. Dus ik keer om en sla na Zweth linksaf richting het buurtschap Oude Leede. Ik wist niet eens dat het bestond. Voordat je in het dorp arriveert, slingerend over iets wat eigenlijk een wandelpad is, doemt rechts al Rotterdam weer op. Wel fijn: mijn fiets heeft geen navigatiesysteem. Zolang de zon schijnt, heb ik een goed richtingsgevoel, maar ik heb geen idee hoelang ik al fiets en nog minder hoe snel het duurt eer de zon onder zal zijn. Dus enig idee hebben van waar ik ben kan geen kwaad.
Altijd goed om op je route even stil te staan en achterom te kijken. Aan het wandel-/fietspad aan de ene kant De Lee, en benedendijks een paar huisjes.





Die Zwetheul daar hebben we ooit eens gegegeten. Veel bord en weinig erop. Gelukkig waren we uitgenodigd.
Holland op z’n mooist!
Heb met plezier je laatste verslagen gelezen en wat een mooie foto’sGroetjes, Marianne
Oude Leede kende ik wel. Een van die plekken waar halverwege de route een tijdsmachine nog vol in bedrijf is.